Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Menopauze

vrouw in de menopauze

De menopauze begint als je een jaar lang niet meer hebt gemenstrueerd. De menopauze treedt bij de meeste vrouwen op tussen 45 en 55 jaar. In de menopauze kan je seksuele, lichamelijke en psychische klachten ervaren.

Van overgang naar menopauze

Vrouwen stoppen niet van de ene op de andere dag met menstrueren. Aan de menopauze gaat een overgangsperiode (perimenopauze) vooraf. Die overgangsperiode duurt meestal 5 tot 10 jaar. De ene maand heb je een bloeding, de andere niet. Soms verlies je weinig bloed, soms net veel. De eierstokken gaan steeds minder oestrogeen produceren. Uiteindelijk krijg je geen eisprong en dus ook geen menstruatie meer. Je bent dan niet langer vruchtbaar. De menopauze begint als je een jaar lang niet meer gemenstrueerd hebt. 1 à 2 procent van de vrouwen is jonger dan 40 als ze in de menopauze komen (vervroegde menopauze).  

Wat zijn de gevolgen op seksueel vlak?

De afname van de oestrogeenproductie in de menopauze kan ervoor zorgen dat je minder zin hebt in seks. Bovendien veranderen de vrouwelijke geslachtsdelen. Het weefsel van de schaamlippen en van de vagina wordt dunner. Je kunt last krijgen van een droge, geïrriteerde vagina. Dit kan pijn veroorzaken bij penetratie. Glijmiddel kan dan helpen. Ook voldoende aandacht voor het voorspel en intimiteit op andere manieren zijn belangrijk. Je kan dus zeker nog genieten van seks na de menopauze. 

Wat zijn de gevolgen op lichamelijk vlak?

Je lichaam verandert in de menopauze. Door schommelingen in de hormoonproductie hebben veel vrouwen last van opvliegers of ‘vapeurs’. Dit zijn plotse warmte-opwellingen in het gezicht en bovenlichaam. Andere mogelijke klachten zijn: zweten, hartkloppingen, duizeligheid, hoofdpijn, spierpijn, vermoeidheid, pijnlijke borsten, urine-incontinentie en blaasontsteking. Bovendien neemt het risico op botontkalking (osteoporose) en hart- en vaatziekten toe. De verminderde oestrogeenproductie zorgt ook voor een tragere stofwisseling, waardoor veel vrouwen een gewichtstoename ervaren in de menopauze. De vetverdeling verandert en kilo’s blijven vooral rond de buik plakken.

Wat zijn de gevolgen op psychisch vlak?

De menopauze kan ook een invloed hebben op je psychisch functioneren. Je kunt last hebben van stemmingswisselingen, prikkelbaarheid, vermoeidheid, lusteloosheid en concentratieverlies. 

Wat kun je doen tegen overgangsklachten?

Er zijn een aantal zaken die je kan doen om minder last te hebben van opvliegers:

  • Trek meerdere laagjes kleding over mekaar aan. Zo kun je een laagje uitdoen tijdens een opvlieger.
  • Draag katoenen kleding. Katoen neemt beter vocht op dan synthetische stoffen.
  • Vermijd sterk gekruid eten. Pikante gerechten kunnen opvliegers uitlokken.
  • Drink niet te veel koffie, thee, cola en alcohol. Ze verhogen de kans op opvliegers.

Gezond eten en regelmatig bewegen kunnen helpen om gewichtstoename, botontkalking en psychische klachten tegen te gaan.

Er bestaat ook medicatie. Ga langs bij je huisarts of gynaecoloog als je veel last hebt van de menopauze. 

Wat is de invloed van de anticonceptiepil in de overgang?

De pil en andere hormonale anticonceptie houden de hoeveelheid vrouwelijke hormonen op peil, waardoor je maandelijks kunstmatige bloedingen blijft hebben. Hierdoor merk je minder goed wanneer je de overgang en menopauze hebt bereikt. Hormonale anticonceptie houdt de menopauze niet tegen, maar de overgangsverschijnselen worden onderdrukt.

Gebruik van de anticonceptiepil in de overgang heeft voor- en nadelen:

Voordelen:

Nadelen:

  • verhoogd risico op hart- en vaatziekten, zoals trombose (zeker bij rokers)
  • verhoogd risico op borstkanker
  • in de pilvrije week en na het stoppen met de pil, treden overgangsklachten toch op 

Er bestaat geen ideaal moment om met de pil te stoppen. Dit is een keuze die je zelf moet maken, dat kan in overleg met je huisarts.

Hoe komt het dat vrouwen stoppen met menstrueren?

Bij de geboorte hebben meisjes 300.000 tot 400.000 eicellen. Die zijn opgeslagen in de eierstokken. Dat aantal neemt langzaam maar zeker af. Tijdens de puberteit heeft een gemiddeld meisje nog maar 100.000 tot 200.000 eicellen over. Op een zeker moment zijn er geen uitrijpbare eicellen meer over en stopt de menstruele cyclus. Vanaf dan zijn vrouwen niet langer vruchtbaar.

Meer informatie of hulp nodig?

Meer informatie of hulp rond de menopauze vind je bij:

  • Huisarts: eerste aanspreekpunt voor informatie over vruchtbaarheid en zwangerschap. Voor hoogdringende zaken kan je terecht bij een huisartsen wachtdienst.
  • Gynaecoloog: informatie over alle thema's die met gezondheidszorg voor vrouwen te maken hebben, inclusief vruchtbaarheid, zwangerschap en bevalling.